Vanuit Zeewolde laat boswachter Rob Koetsier weten dat zij er niet zo druk meer mee zijn. “Bij ons zijn de meeste essen al jaren terug vervangen door andere bomen”. De gekapte essen zijn verwerkt in de houtindustrie en terug te vinden in bijvoorbeeld vloeren. “Resthout dat verder onbruikbaar was, werd als biomassa verkocht. Bij ons in de gemeente werd het effect van de schimmelziekte al in de jaren ‘90 van de vorige eeuw zichtbaar. Rond 2005 zagen we echt grootschalig effect en zijn we begonnen met ruimen en herplanten. Er zijn hier en daar nog wat kleine plukjes essen over, bijvoorbeeld in De Stille Kern, waar we de natuur zijn gang laten gaan en de zieke bomen geen risico voor mensen opleveren.”
De bomen die teruggeplaatst worden zijn nog klein, hooguit een meter hoog. Na tien jaar zijn ze een meter of vier hoog. “Gelukkig geeft de kap van de zieke essen vaak ook weer wat ruimte voor andere bomen die ernaast staan, waardoor die het juist beter gaan doen en de lege plekken al snel niet meer opvallen.”
Schimmelziekte
De es heeft het al jaren erg zwaar vanwege een bijna onzichtbare vijand, het vals essenvlieskelkje. Dat is een schimmel die de takken, de bast en uiteindelijk de hele boom aantast, waardoor deze afsterft. De schimmel komt uit Azië en de sporen verspreiden zich, gedragen door de wind, over heel Europa. Er is geen remedie tegen en doordat dode takken onverwacht kunnen afbreken, leveren zieke bomen risico op voor iedereen die in de buurt van zo’n boom komt.
De enige oplossing is zieke bomen preventief kappen, dat wordt dan ook volop gedaan op plekken waar ze een risico vormen voor de mens. Vooral in het voorjaar is makkelijk te zien welke bomen ziek zijn, want aangetaste bomen maken geen nieuwe blaadjes in de top van de kroon en jonge scheuten sterven helemaal af.
Boerderijen
De essen die nu nog in Flevoland staan, zijn vooral veel aangeplant op de erfsingels van boerderijen. Landschapsbeheer Flevoland heeft twee programma’s om erfbewoners en veehouders te ondersteunen bij het beheer en de toekomst van hun erfsingels. Er is gratis erfsingeladvies, waarbij tijdens een bezoek wordt gekeken naar de staat van de singel en naar mogelijkheden om deze te versterken en toekomstbestendig te maken. Daarnaast is er advies voor veehouders, waar in samenwerking met de Vereniging voor Veehouderijbelangen wordt gekeken naar herstel en vernieuwing van de erfsingels, inclusief ondersteuning bij nieuwe aanplant.
Beide programma’s streven naar een betere opbouw van de erfsingel, met meer variatie in soorten om de kans op grootschalige uitval in de toekomst te verkleinen. Afhankelijk van de grondsoort worden passende boomsoorten gekozen. Vooral de zomereik en winterlinde worden veel teruggeplaatst. Er is vanuit de provincie subsidie beschikbaar, vijfhonderd euro per erf, voor dat advies en voor nieuwe aanplant. Een jonge boom kost rond de 4 á 5 euro per stuk, maar het gaat vaak om flinke aantallen, waardoor de kosten rap oplopen.
Controle in het voorjaar
Het voorjaar is hét moment om de eerste aantastingen te signaleren en plannen te maken. “Tot half juli worden er geen bomen gekapt, daarna zijn alle jonge vogels wel uitgevlogen en heeft het kappen minder impact op de dieren die in en rondom de besmette essen leven”, legt Zijlstra uit. “Van de takken kunnen takkenrillen gemaakt worden. Dit zijn strategisch geplaatste heggen die een prima leefomgeving voor amfibieën, kleine zoogdieren en een mooie schuilplek voor vogels opleveren.” Wat er met de stammen gebeurt is aan de perceelbeheerder. Ze kunnen verkocht worden aan de houtindustrie, versnipperd worden, of er wordt haardhout van gemaakt. Zo leveren de zieke bomen uiteindelijk toch nog iets op, al weegt dat niet op tegen de kosten.

085-0640737